Betreft Uw Woo-verzoek
Datum 28 maart 2024
Betreft Uw Woo-verzoek inzake concepten van de kabinetsreactie op
Directie Juridische Zaken
Korte Voorhout 7
2511 CW 's-Gravenhage
POSTBUS 20201
2500 EE ’s-Gravenhage
www.rijksoverheid.nl
Contactpersoon
woo@minfin.nl
Ons kenmerk
2024-0000198487
Pagina 1 van 3
Geachte,
Bij e-mail van 16 december 2023 heeft u mij met een beroep op de Wet open overheid (hierna: Woo) verzocht om openbaarmaking van alle concepten van de kabinetsreactie op het POK-rapport Ongekend Onrecht. Uw verzoek luidt, voor zover relevant, als volgt:
‘Daarom verzoek ik u nu middels dit verzoek om alle concepten van de Kamerbrief, minus de al door uw ministerie beoordeelde 'gedragen' concepten van de desbetreffende Kamerbrief. Voordat u weer ten onrechte inperkt, geef ik u mee dat dit verzoek dus ook zo dient te worden geïnterpreteerd dat ook de niet-gedragen en/of niet in de SG/DG werkgroep voorgelegde concepten en/of kladversies, etc. geïnventariseerd en beoordeeld dienen te worden.’
De ontvangst van uw verzoek is bevestigd bij brief van 19 december 2023 met het kenmerk 2023-475. Met deze brief heb ik de beslistermijn met twee weken verdaagd.
Het is helaas niet gelukt binnen de wettelijke termijn op uw verzoek te beslissen. Hiervoor bied ik u mijn excuses aan.
Besluit
Ik wijs uw verzoek af op grond van artikel 4:6, tweede lid van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Mijn besluit licht ik hieronder toe.
Toelichting
Op 18 januari 2021 heeft u de minister van Algemene Zaken verzocht om openbaarmaking van (onder meer) alle conceptversies van de hierboven genoemde Kamerbrief. Deze minister heeft naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 10 juni 2022 uw verzoek ter behandeling naar mij doorgestuurd. De tekst van uw verzoek was, voor zover relevant, als volgt:
‘Ik verzoek u om kopie van de volgende documenten:
- alle concept-versies van de Kamerbrief met reactie kabinet op rapport ‘Ongekend onrecht’’
Directie Juridische Zaken
Datum
5 maart 2024
Ons kenmerk
2024-0000198487
Pagina 2 van 3
Ik heb op 20 maart 2023 een beslissing genomen op uw verzoek en daarbij geen documenten openbaar gemaakt. Vervolgens heeft u op 27 maart 2023 bezwaar ingesteld tegen mijn beslissing. Op 31 juli 2023 heb ik op uw bezwaar besloten en het bezwaar ongegrond verklaard.
Op grond van artikel 4:6, eerste lid, van de Awb is een aanvrager bij het doen van een nieuwe aanvraag na een geheel of gedeeltelijk afwijzende beschikking gehouden om nieuw gebleken feiten of veranderende omstandigheden te vermelden. Indien geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden worden vermeld, kan zonder toepassing van artikel 4:5 van de Awb de aanvraag worden afgewezen onder verwijzing naar de eerdere beschikking.
Om als bestuursorgaan een geslaagd beroep te doen op artikel 4:6, tweede lid, van de Awb, dient sprake te zijn van (i) een gelijke aanvraag en (ii) nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden. Er is sprake van een gelijke aanvraag als de aanvraag beoogt dezelfde rechtsgevolgen in het leven te roepen als de eerdere aanvraag. In de jurisprudentie worden nieuw gebleken feiten en veranderde omstandigheden als volgt gedefinieerd: (i) feiten of omstandigheden die zijn voorgevallen na het nemen van een eerdere beschikking, of (ii) feiten of omstandigheden die niet voor het nemen van een eerdere beschikking konden en derhalve behoorden te worden aangevoerd, alsmede bewijsstukken van reeds eerder aangevoerde feiten of omstandigheden die niet voor het nemen van een eerdere beschikking konden en derhalve behoorden te worden overgelegd, mits op voorhand niet is uitgesloten dat deze feiten of omstandigheden kunnen afdoen aan de juistheid in rechte van een eerdere beschikking.1
Zowel in uw verzoek van 18 januari 2021 als in uw verzoek van 16 december 2023 verzoekt u om openbaarmaking van alle conceptversies van genoemde kabinetsreactie. Uw verzoeken beogen derhalve dezelfde rechtsgevolgen in het leven te roepen, waardoor sprake is van een gelijke aanvraag. Dit leidt tot de vraag of u in uw verzoek van 16 december 2023 nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden heeft vermeld. Uw stelling dat ik uw verzoek van 18 januari 2021 ten onrechte te beperkt heb geïnterpreteerd, had u reeds tijdens de daarvoor bedoelde bezwaarprocedure, of eventuele daaropvolgende rechtsmiddelen, kunnen aanvoeren en daarvan is niet gebleken. Uw Woo-verzoek van 16 december 2023 bevat daarmee geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden. De bezwaar- en beroepsprocedures zijn door de wetgever in het leven geroepen om inhoudelijke geschillen omtrent een besluit te beslechten. Het doen van een nieuwe, materieel gelijkluidende aanvraag, is hiervoor niet de geëigende weg. Daarom stel ik uw Woo-verzoek van 16 december 2023, onder toepassing van artikel 4:6, tweede lid van de Awb, buiten behandeling en verwijs u naar mijn inhoudelijke besluiten van 20 maart 2023 en 31 juli 2023.
Publicatie
Deze brief wordt op rijksoverheid.nl gepubliceerd.
1 Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 15 oktober 2014 (vindplaats ECLI:NL:RVS:2014:3732).
Directie Juridische Zaken
Datum
5 maart 2024
Ons kenmerk
2024-0000198487
Pagina 3 van 3
Vragen
Als u vragen heeft over dit besluit, dan kunt u contact opnemen met het ministerie van Financiën via de contactgegevens in de colofon. Voor meer informatie over de Woo-procedure kunt u kijken op rijksoverheid.nl/onderwerpen/wet-open-overheid-woo.
Hoogachtend,
De staatssecretaris van Financiën – Toeslagen en Douane
namens deze,
mw. M.R. Schoch
Directeur Algemene Fiscale Politiek
Bezwaarclausule
Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken bezwaar maken. Dit kan door binnen zes weken na de dag van verzending van dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift in te dienen bij de minister van Financiën, ter attentie van de Directie Juridische Zaken, Postbus 20201, 2500 EE Den Haag. Het bezwaarschrift dient te worden ondertekend en dient ten minste het volgende te bevatten:
a. naam en adres van de indiener;
b. de dagtekening;
c. een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt;
d. een opgave van de redenen waarom u zich met het besluit niet kunt verenigen.
U kunt uw bezwaarschrift ook mailen naar: BezwaarenberoepWOO@minfin.nl. De keuze is aan u. Elke manier heeft voor- en nadelen. Met een aangetekende brief kunt u aantonen wanneer u het bezwaar heeft ingediend. Gebruikt u toch e-mail? Houd er rekening mee dat u kans loopt op technische problemen. Ook is de e-mail geen beveiligde verbinding. Voor gevoelige gegevens is schriftelijke verzending daarom veiliger.
.avif)