Als de overheid het vertrouwen van de burger wil terugwinnen, kan ze beginnen met zich zélf ook aan de wet te houden

InterviewEllen Pasman
Advocaat Ellen Pasman: ‘In de rechtsstaat hoort het allereerst om de burger te gaan’
Als de overheid het vertrouwen van de burger wil terugwinnen, kan ze beginnen met zich zélf ook aan de wet te houden, vindt advocaat Ellen Pasman. ‘Het recht is geen spel.’
redacteur justitie en veiligheid
26 september 2024, 20:38
Als de woordcombinatie ‘Amsterdamse advocaat’ beelden oproept van dure bolides, voldoet Ellen Pasman niet aan het stereotype. Fietsend, met helm, arriveert de juriste bij het terras naast dierentuin Artis. Ze geeft een boks ter begroeting en neemt plaats voor een gesprek over de verhouding tussen burgers en overheid, en de rol van advocaten daarbij.
Aanleiding voor het gesprek is de lezing die Pasman deze zaterdag geeft, de eerste Meindert Fennema-lezing, genoemd naar de vorig jaar overleden politicoloog Meindert Fennema. Debatcentrum De Balie, dat de lezing organiseert, zocht een spreker die ‘onafhankelijk denkt’, zegt Pasman. Dat de keus op háár viel, vindt ze ‘een grote eer’.
Terugkerend falen
Dat is misschien onnodig bescheiden, want als advocaat wijst Pasman de overheid al zo’n dertig jaar op terugkerend falen. Ze staat onder meer gedupeerde ouders in het toeslagenschandaal bij. Ook was ze in de jaren negentig de advocaat van journalist Willem Oltmans in zijn jarenlange procedure tegen de Nederlandse staat. Oltmans vermoedde dat de staat hem doelbewust tegenwerkte, uit ongenoegen over zijn goede contacten met de Indonesische president Soekarno.
Deze ervaringen, zegt Pasman, brachten haar ook op het onderwerp dat ze zaterdag in haar lezing aan de orde zal stellen. “Ik wil het hebben over de ongecontroleerde macht in de Nederlandse rechtsstaat: de landsadvocaat.”
De landsadvocaat staat de Staat der Nederlanden bij in juridische procedures. Al sinds halverwege de vorige eeuw is de landsadvocaat een jurist van het kantoor Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn in Den Haag. Voor het advocatenkantoor is de overheid veruit de belangrijkste klant, aan wie jaarlijks tussen de 50 en 60 miljoen euro in rekening wordt gebracht.

Wat bedoelt u met de ‘macht’ van de landsadvocaat?
“De landsadvocaat vertegenwoordigt de staat in de rechtbank, maar de juristen van het kantoor geven ministeries ook advies over de juridische kant van beleid. Je zag het in het toeslagenschandaal: het beleid van de Belastingdienst om álle uitgekeerde kinderopvangtoeslag van ouders terug te vorderen als het vermoeden bestond dat er iets niet in orde was, had de instemming van de landsadvocaat. En ook in rechtszaken verdedigde de landsadvocaat deze werkwijze. Terwijl die in strijd is met de wet. Dat is een serieus probleem, want de taak van een advocaat is óók om een cliënt te behoeden voor verkeerde stappen.”
En hoezo is die macht ‘ongecontroleerd’?
“We weten niet wat de landsadvocaat precies adviseert. Dat is vertrouwelijk. In de onderzoeken en parlementaire enquêtes die er zijn geweest naar aanleiding van de toeslagenaffaire zijn de drie staatsmachten binnenstebuiten gekeerd: leden van de Tweede Kamer, dus het parlement, bewindslieden, dus het kabinet, en rechters, dus de rechtspraak. Maar de landsadvocaat is niet in het openbaar verhoord, alleen achter gesloten deuren. Dat is een precair punt. Tot nu toe moeten we het doen met wat er af te leiden is uit de uitspraken in rechtszaken van toeslagenouders. Dan zie je dat de landsadvocaat het buitenwettelijk optreden van de Belastingdienst volkomen onderschreef.”
Dát de werkwijze van de Belastingdienst in de toeslagenaffaire strijdig was met de wet, toonde Pasman aan in haar boek Kafka in de rechtsstaat uit 2021. Met chirurgische precisie ontleedt ze in het boek de tekst van de wet die de Belastingdienst zei te volgen. Stond daarin dat bij vermeende onregelmatigheden de uitgekeerde toeslag zonder meer móest worden teruggevorderd? Nee, concludeert Pasman, de wet bepaalt dat terugvordering kán plaatsvinden. En moest dan de vollédige toeslag worden terugbetaald? Ook dat stond niet in de wet; het ging om het te veel ontvangen bedrag. Het hele schandaal, concludeert Pasman, is dus terug te voeren op een verkeerde lezing.”
Hoe kan het dat de landsadvocaat de wet blijkbaar zo anders leest?
“Dat weten we dus niet. En zonder openheid daarover kunnen we ook niets leren van wat hier fout gegaan is. Als de overheid een onwettig beleid voert, maakt de rechter daar normaal gesproken uiteindelijk wel een eind aan. Maar in het toeslagenschandaal werden goede uitspraken van de rechter vervolgens in hoger beroep door de Raad van State vernietigd. Dus niet alleen de landsadvocaat las de wet verkeerd, ook de hoogste rechter. En dan kun je als gedupeerde geen kant meer op.”
Zou het kunnen dat de landsadvocaat de overheid zoveel mogelijk ter wille wil zijn?
“We weten dat de landsadvocaat de veel te strenge uitleg van de wet ‘pleitbaar’ noemde. Wat mij betreft betekent dat zoveel als: ‘Het is geen solide juridische basis, maar het valt te proberen en we denken dat we het zodanig kunnen verwoorden dat een rechter erin meegaat’. Maar dan ben je bezig met probeersels, luchtballonnetjes. Dat draagt niet bij aan het vertrouwen in de rechtsstaat.”
Is er voor de landsadvocaat ook een financieel belang in het spel?
“Bij geschillen tussen de overheid en een burger komt het zelden voor dat de zaak onderling en zonder tussenkomst van de rechter wordt opgelost. In negen van de tien gevallen wordt het een procedure. Grote commerciële advocatenkantoren kiezen sowieso vaak voor procederen. Dus het financiële belang van het kantoor speelt ongetwijfeld mee. Je ziet het ook bij de gedupeerden van de gaswinning in Groningen. Zo’n procedure wordt een uitputtingsslag, en de landsadvocaat wéét dat. Daar komt nog eens bij dat hij met de overheid als opdrachtgever toegang heeft tot alle expertise, bijvoorbeeld over aardbevingsschade. De burger, die al gedupeerd is, komt zo nog verder op achterstand te staan. Zijn schade wordt alleen maar groter. Mensen zijn jaren van hun leven bezig met zo’n procedure. Dat zou toch niet moeten? Ik vind dat de landsadvocaat hier ook een verantwoordelijkheid heeft. Hij zou de staat erop moeten wijzen dat er een verschil is tussen het eigen belang van de staat en het algemeen belang waar de staat óók voor verantwoordelijk is. Het is misschien in het belang van de staat om te veel uitbetaald geld terug te eisen, maar is het in het algemeen belang dat burgers dan in jarenlang voortslepende rechtszaken terechtkomen? Dat lijkt mij niet.”
De Raad van State, waarvan u in uw boek zegt dat die de overheid niet snel ongelijk geeft, belooft meer oog voor de burger te zullen hebben. Merkt u daar als advocaat iets van?
“Ik procedeer te weinig om dat goed te kunnen beoordelen. Maar een formulering als ‘meer oog voor de burger’ is niet zo duidelijk. In de rechtsstaat hoort het allereerst om de burger te gaan. De overheid is er voor de burger en niet omgekeerd. Ambtenaren, bewindspersonen en rechters zijn zelf óók burgers dus bij uitstek zijn zij degenen die het belang van de burger voorop moeten stellen. Het is juist de staat die kwetsbaren onder de burgers moet beschermen.”
“Wat ik verder een probleem vind is dat oud-partners van Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn uitstromen naar rechterlijke colleges, zoals óók naar de Raad van State. Dezelfde persoon die eerst decennialang als advocaat de overheid vertegenwoordigde moet dan later als bestuursrechter oordelen over het optreden van zijn de oud-cliënt. Ik vind dat niet zuiver.”
In de Meindert Fennema-lezing gaat u ook in op de vraag wat we van het nieuwe kabinet kunnen verwachten aan onderhoud van de rechtsstaat. Bent u daar optimistisch over?
“Nee. Ik ben daar somber over. Kijk naar de discussie over het uitroepen van een asielcrisis en het invoeren van een noodwet.”
Volgens premier Schoof zou minister Faber van de landsadvocaat te horen hebben gekregen dat het invoeren van een noodwet mogelijk is.
“Ik hoop niet dat er een volgend ‘pleitbaar’ advies komt. Voor zo’n noodwet moet er sprake zijn van overmacht. Ik denk dat het kabinet die overmacht verwart met onvermogen van eerdere kabinetten om de opvang ordentelijk te regelen. Maar dat onvermogen moet je niet maskeren met juridische trucage, dat is in een rechtsstaat niet de bedoeling. Het recht is geen spel.”
Pasman kijkt op haar horloge, terwijl de bezoekers van Artis zich langzaam richting de uitgang begeven. “In een rechtsstaat houdt de staat zich aan het recht”, zegt de advocaat. “Ik kan dat niet vaak genoeg zeggen.”
Ze pakt haar fietshelm, geeft ten afscheid opnieuw een boks. “Ik vind het allemaal weinig hoopgevend”, zegt ze. “We leven in griezelige tijden.”
Twee boeken
Ellen Pasman (1958) is sinds 1987 advocaat in Amsterdam. Ze is gespecialiseerd in bestuursrecht, arbeidsrecht, mediarecht en onrechtmatige overheidsdaad. Van 1995 tot en met 2000 was zij een van de advocaten in de procedures van de journalist Willem Oltmans tegen de Staat der Nederlanden. Daarover schreef zij het boek Oud zeer. Haar tweede boek, Kafka in de rechtsstaat, gaat over de toeslagenaffaire.
Lees ook:
Een herhaling van het toeslagenschandaal dreigt, vreest de rechter
De regels waaraan toeslagenouders moeten voldoen om geholpen te worden, zijn niet realistisch en hebben onvoldoende oog voor de menselijke maat. Dat stelt de rechtbank in Amsterdam.
.avif)