Banken zetten hun klanten vliegensvlug op een zwarte lijst: ‘Ik werd een verbitterde klootzak’
Banken zetten hun klanten vliegensvlug op een zwarte lijst: ‘Ik werd een verbitterde klootzak’

Banken en verzekeraars gebruiken een ‘zwarte lijst’ om elkaar te waarschuwen voor fraudeurs. Sta je daar eenmaal op, dan kun je jarenlang nergens meer terecht voor een lening of hypotheek. En om van de lijst af te komen, moet je meestal naar de rechter. ‘Mensen die niets in de portemonnee hebben, kunnen het schudden.’
Dossier: Fraude en witwassen
Auteur: Nick de Jager
Beeld: © FOLLOW THE MONEY
Dit stuk in 1 minuut
Wat is het nieuws?
- Banken en verzekeraars werken onderling met een ‘zwarte lijst’ van mensen die ze verdenken van fraude. De lijst is bedoeld om onder meer witwassen tegen te gaan, maar bevat ook namen van mensen die weinig of niets valt te verwijten.
- Volgens critici kunnen banken en verzekeraars hun klanten via die lijst ‘lichtvaardig criminaliseren’. Ze schrijven ongerijmde praktijken te gemakkelijk toe aan ‘fraude door cliënten’ in de hoop zelf boetes te ontlopen. ‘Misdaadbestrijding met een half oog op de eigen portemonnee,’ zegt een advocaat die vaak optreedt voor mensen die ten onrechte op de zwarte lijst zijn beland.
Waarom is dit van belang?
- De consequenties van een onterechte registratie zijn groot: slachtoffers kunnen meestal geen hypotheek, lening of verzekering meer krijgen.
- Bezwaar maken is tijdrovend en kostbaar en daarmee niet voor iedereen weggelegd.
Dit verhaal is onderdeel van een lopend onderzoeksdossier.Fraude en witwassen
Dat kaas ‘het tragische’ aantrekt, wist Willem Elsschot al aan het begin van de jaren ’30, toen hij Kaas schreef.Zijn hoofdpersonage, klerk Frans Laarmans, voelt zich genoodzaakt een beroep te kiezen met meer sociale status: handelaar in kaas. Talent blijkt hij evenwel niet te hebben – hij weet nauwelijks iets te verkopen en keert gedesillusioneerd terug naar zijn kantoorbaan. ‘De kaastoren is ingestort.’Toch steekt de droevige ondergang van Laarmans bleek af bij die van Jan: een kaashandelaar met een allergie voor kaasproducten.Jan rijdt jarenlang in een Volkswagenbus van plek naar plek met kaas, totdat zijn lichaam begint te protesteren. Eerst zijn rug, later zijn longen – en uiteindelijk gaat het niet meer. Zonder weet te hebben van de oorzaak meldt hij zich arbeidsongeschikt bij Aegon, zijn verzekeraar.Maar omdat Jan min of meer tegelijkertijd in een verzorgingstehuis een servicewinkel begint en zijn administratie nog niet op orde heeft, vertrouwt de verzekeraar het niet.
Trekkertrek
Aegon begint een onderzoek dat twaalf jaar zal duren en concludeert dan dat de kaashandelaar heeft gelogen.Jan verliest zijn recht op een verzekeringsuitkering en komt terecht op een ‘zwarte lijst’ – het Extern Verwijzingsregister (EVR). Daardoor zien ook andere verzekeraars en banken een rode vlag achter Jans naam.Als in de jaren daarna zijn zoon voor een auto en een Trekkertrek-race verzekeringen probeert af te sluiten, blijkt dat een probleem. Beide aanvragen worden afgekeurd, omdat vader staat gemarkeerd als fraudeur.Maar uiteindelijk, eind 2024, oordeelt het gerechtshof in Den Haag dat Jan ten onrechte beschuldigd is, en dat zijn naam niet thuishoort op een zwarte lijst.Uit rechtbankverslagen blijkt dat banken en verzekeraars vaker knoeien met dit soort registraties.
Snel bestraft
Kredietverstrekkers zijn wettelijk verplicht maatregelen te nemen tegen fraude en criminaliteit. Doen ze dat niet of onvoldoende, dan kunnen ze een boete krijgen van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) of De Nederlandsche Bank (DNB).Daarom vermelden ze van mogelijk criminele klanten de naam en geboortedatum in het Extern Verwijzingsregister. Als andere banken en verzekeraars meer over zo’n vermelding willen weten, vragen ze informatie op bij de registrerende partij. Hoeveel mensen op deze zwarte lijst staan, is niet bekend.Het register is bedoeld voor personen die fraude of een ander ernstig vergrijp hebben gepleegd en moet voorkomen dat die na een afwijzing bij de ene bank rustig aankloppen bij de volgende.Wie in het register belandt, wordt financieel behoorlijk lamgelegd: tot acht jaar lang is het moeilijk nog een hypotheek, verzekering of ander financieel product te krijgen.Het systeem werkt naar behoren, zegt de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB), de belangenorganisatie van financiële instellingen. Maar advocaten en juristen hebben kritiek.
Fraude en witwassen
Witteboordencriminaliteit wordt veronachtzaamd, terwijl daar absurd veel geld in omgaat.

‘Banken hebben vooroordelen en voelen zich al snel bestolen,’ zegt bijvoorbeeld Rob Silvertand, advocaat financieel recht die veel met EVR-registraties te maken heeft.Jurist Deepak Thakoerdien hoeft alleen maar een paar dossiers uit zijn dagelijkse praktijk op te sommen: een expat die ten onrechte van identiteitsfraude werd beschuldigd; naïeve jongeren die hun bankpas met pincode uitleenden en werden bestolen; een vrouw die drie tientjes te veel declareerde bij de zorgverzekering. Allemaal kregen ze een plek op de zwarte lijst, en allemaal werden ze jarenlang beknot in hun financiële vrijheid.
Paar tientjes te veel
Als mensen een fout begaan verdienen ze een straf, betoogt Thakoerdien, maar financiële instellingen hebben over het algemeen weinig gevoel voor proportionaliteit.‘Banken hebben dubbele petten op,’ zegt hij. ‘Ze zijn officier van justitie, want ze gaan over de straf, en ze zijn rechter, want ze gaan over het oordeel. Op welk moment bekijkt de bank een fout vanuit het perspectief van de beschuldigde?’Volgens Thakoerdien zijn werknemers van banken en verzekeraars niet goed in het toepassen van een ‘menselijke maat’. ‘Zo iemand heeft gestudeerd, een mooie baan in een mooi kantoorpand en begrijpt waarschijnlijk niet helemaal dat iemand uit een ander milieu een paar tientjes te veel declareert omdat hij of zij het ene gat probeert op te vullen met het andere.’Dat de relatie tussen klant en bank snel kan ontsporen, blijkt uit het verhaal van Jordi, die vier jaar onterecht in het Extern Verwijzingsregister stond.De aanleiding was een door hem ondertekende leningaanvraag bij de Defam, een kredietinstelling van de ABN Amro. De meegestuurde bankafschriften vermeldden inkomsten uit een salaris, wat niet kon kloppen: Jordi was een zelfstandig ondernemer in de verhuur van kantoorruimte en kreeg een uitkering volgens de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong).
Warrig gesprek
Toen de Defam hem per brief meedeelde dat hij werd verdacht van fraude, pakte Jordi de telefoon – hij had nog nooit van het bedrijf gehoord. In het gesprek dat zich daarna ontspon, en waarvan Follow the Money een opname kon beluisteren, praatten hij en de medewerker volledig langs elkaar heen.‘Hoi, met Jordi, (..) U beweert dat wij, of in ieder geval uw malafide bedrijf zullen we maar zeggen, suggereert dat wij fraude…’De medewerker: ‘Oh, u begint heel goed. Ons malafide bedrijf, ja. Ga verder, ons malafide bedrijf stelt dat u fraude heeft gepleegd.’Aan het eind benadrukte Jordi ‘geen idee’ te hebben van het hoe en waarom van de verdenking. Toch zette de Defam-medewerker hem op de zwarte lijst.
Toen Jordi vertelde over identiteitsfraude beloofde de Defam aanvullend onderzoek: ‘Het verhaal lijkt nu een andere wending te krijgen’
In een volgend, rustiger telefoontje vertelde Jordi te vermoeden slachtoffer te zijn van identiteitsfraude: zijn gegevens zijn buitgemaakt bij een hack en sindsdien is er meer ‘shit’ over hem heen gekomen. Deze keer beloofde de medewerker een aanvullend onderzoek, want ‘het verhaal lijkt nu een andere wending te krijgen’.Vervolgens liet de Defam niets meer van zich horen. De zwarte-lijstregistratie bleef in stand en omdat de kredietinstelling ook aangifte deed kwam het tot een strafzaak. Ruim drie jaar later werd Jordi in hoger beroep vrijgesproken van fraude wegens gebrek aan bewijs. Enkele maanden daarna verwijderde de Defam zijn naam uit het EVR.De schade was groot. Zijn verhuurbedrijf ging failliet, hij kreeg geen subsidie voor een nieuwe zaak in de zorgsector, en hij moest verhuizen naar een kleiner appartement. De stress en uitzichtloosheid raakten zijn relatie en vriendschappen. ‘Ik werd een verbitterde klootzak.’Hij eiste een schadevergoeding van de Defam. In de daaruit voortvloeiende rechtszaak bleef de bank volhouden dat Jordi een oplichter was en niet het slachtoffer van identiteitsfraude – ook al was hij in hoger beroep vrijgesproken.
Vier jaar na het begin van de ellende oordeelde het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden dat de Defam geen bewijs had voor de beschuldigingen en dat het bedrijf aan Jordi een schadevergoeding moest betalen.
‘Lichtvaardig gecriminaliseerd’
Advocaat Silvertand, zelf niet betrokken bij deze zaak, zegt ‘superblij’ te zijn met het doorzettingsvermogen van Jordi.Maar weinig mensen gaan het gevecht aan, ziet hij. Een rechtszaak kost al snel duizenden euro’s. ‘De financiële ongelijkheid tussen de bank en de klant is te groot en de regels zijn ingewikkeld. Mensen die niets in de portemonnee hebben, kunnen het schudden.’
‘Banken plegen wel wederhoor, maar ze doen niet altijd aan oprechte waarheidsvinding’
Dat is volgens de Nederlandse Vereniging van Banken te kort door de bocht. Zij wijst erop dat gedupeerden op drie manieren bezwaar kunnen maken: bij de bank zelf, ‘laagdrempelig’ via het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid), of met een rechtszaak.Alleen is van zo’n sympathiek klinkend keuzeprogramma in werkelijkheid geen sprake, zegt advocaat Rebecca de Haan, gespecialiseerd in civiel recht. Zij ziet dat geldverstrekkers bij een fraudeverdenking snel lijden aan tunnelvisie. ‘Als zorgverzekeraars, zorgkantoren of gemeenten eenmaal op een bepaald spoor zitten, zijn ze moeilijk daarvan af te brengen. Dan komt het toch op een procedure aan.’Banken plegen wel wederhoor, zegt jurist Thakoerdien, maar ze doen niet altijd aan oprechte waarheidsvinding. ‘Ik heb vaak meegemaakt dat ze mensen uitnodigen voor een gesprek. Die gaan dan heel zenuwachtig naar de bank toe, zonder juridische bijstand. Ter plekke worden ze door drie mensen uitgehoord. Dat werkt intimiderend. Vervolgens krijgen ze alsnog de maximale straf van acht jaar.’Het Kifid schrijft op zijn website ‘een deskundig en toegankelijk klachtenloket’ te zijn voor mensen met financiële problemen. Toch komt het slechts incidenteel tot een volledige verwijdering uit het Extern Verwijzingsregister, zegt een woordvoerder. Meestal is de registratie volgens het Kifid terecht. Het Klachteninstituut verkort wel geregeld de duur van een registratie.
Hoge bewijslast
De rechter blijkt, in tegenstelling tot het Kifid, wel bereid om zwarte-lijstregistraties volledig uit te gummen.Sinds begin vorig jaar zijn er op rechtspraak.nl zestien uitspraken in EVR-zaken gepubliceerd. In liefst zeven gevallen draaide de rechter de registratie terug. De strekking van de uitspraken was vaak identiek: dat banken en verzekeraars iemands handelen als verdacht beoordeelden, was meestal terecht.Maar voor een registratie in het Extern Verwijzingsregister moet vaststaan dat er sprake was van opzettelijke misleiding. Dat vereist een hoge bewijslast, stelden rechters. In bijna de helft van de gevallen drukten de banken te lichtvaardig een stempel.
‘Idealiter stappen meer mensen naar de rechter voor vergoeding van de schade, dan krijg je balans’
Dit laat zien, zegt advocaat Silvertand, dat banken en verzekeraars doen aan ‘misdaadbestrijding met een half oog op de eigen portemonnee’.Hij stelt dat financiële instellingen ‘een prikkel’ hebben om mensen snel te registreren, omdat ze zelf een boete vrezen van de AFM of DNB.Als een bank beweert dat een klant heeft gefraudeerd, kunnen de toezichthouders een fout niet toeschrijven aan de bank, legt hij uit. ‘Maar dat betekent wel dat klanten lichtvaardig worden gecriminaliseerd.’Idealiter zouden meer mensen, net als Jordi, naar de rechter stappen en een schadevergoeding claimen, zegt Silvertand. ‘Als er aan twee kanten een prikkel is, heb je balans.’Overigens zijn niet alle financiële instellingen van kwade wil. De zoon van Jan, de allergische kaashandelaar, kreeg zijn verzekeringen alsnog geregeld.De naam van Jan wordt geschrapt uit het Extern Verwijzingsregister. De man had Aegon inderdaad moeten informeren over zijn nieuwe winkel, zo stelde het gerechtshof. Maar mocht hij worden afgeschilderd als een fraudeur? Nee, schreef het hof. ‘De lat ligt hoog.’
Reacties
De controle op naleving van het Extern Verwijzingsregister is in handen van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). Maar die beoordeelt fraudebeschuldigingen niet op inhoudelijke gronden.‘Wat de AP doet, is kijken of de financiële instellingen voldoende grond en bewijs hebben om, gezien de omstandigheden van het specifieke geval, andere instellingen te waarschuwen voor de betrokken persoon,’ schrijft de Autoriteit.De Autoriteit Financiële Markten en De Nederlandsche Bank benadrukken niet op individueel niveau inzicht te hebben in het verwijzingsregister.De AFM schrijft alleen in te grijpen als ‘er structureel iets misgaat’ bij financiële instellingen en DNB stelt banken alleen te beoordelen ‘vanuit een breed kader’.‘Op basis van ons toezicht hebben wij geen signalen dat instellingen lichtvaardig omgaan met EVR-registraties,’ aldus DNB.De ABN Amro zegt niet te willen reageren zolang de kwestie tussen haar kredietinstelling Defam en Jordi nog niet is afgewikkeld.
Gerelateerde artikelen

Fraude en witwassen
Ontspoorde fraudejacht van Rabobank maakt slachtoffers

Fraude en witwassen
Rabobank dumpt maandelijks tienduizend klanten vanwege ‘oncomfortabel gevoel’

Van wie is ons geld?
Waarom banken niet willen dat jij met digitale euro’s gaat betalen
Dossier
Fraude en witwassen
Witteboordencriminaliteit wordt veronachtzaamd, terwijl daar absurd veel geld in omgaat.

Auteur
Nick de Jager
Duikt in conflicten die iets zeggen over de wereld waarin we leven.
Connecties
Organisaties
ABN AmroAutoriteit Financiële Markten (AFM)AegonKifidDe Nederlandsche Bank (DNB)Autoriteit Persoonsgegevens (AP)
Relaties
.avif)